Het Ardennen-offensief


Ter gelegenheid van de 60ste verjaardag van de bevrijding van Belgie is een herdenkings-route samengesteld over het bloedige Ardennen-offensief (Bastogne-Noville-La Roche-Vielsalm). Een ideaal excuus om op een regenachtige dag de geschiedenis van ons land op te frissen. Na deze rondrit weet u onze vaderlandse geschiedenis pas echt naar waarde te schatten. (met dank aan Pieter Jutte, samensteller van deze route). Download de PDF hier (1MB).

Hoe de inwoners van Houffalize deze tijd beleefden, kan u in detail lezen in deze PDF (Engelstalig, uit het boek : The Unknown Dead: Civilians in the Battle of the Bulge)

Het Ardennen-offensief : de gebeurtenissen in en rond Houffalize, 1944

Houffalize ligt in een vallei van de Ourthe, vrijwel ingesloten door steile hellingen. Elke straat in Houffalize die buiten het dorp leidt klimt dus sterk; met uitzondering van de Rue de La Roche. Deze straat volgt de loop van de Ourthe, een natuurlijke hindernis voor legertroepen. Toendertijd waren in Houffalize een drietal bruggen welke zwaar verkeer toelieten, de eerstvolgende was zo'n 20 km verder, in La Roche. Om die reden was Houffalize een militair-strategisch belangrijke plaats; belangrijker (voor de Duitse troepen) dan bvb Bastogne.

Eind 1944 rukten de geallieerde legers vanuit het Westen op naar de Rijn, Duitslands laatste natuurlijke verdediging. De Duitse troepen hadden zich vermoeid teruggetrokken achter de Siegfriedlijn dDoorheen Luxemburg; voorzien van onder andere Antitank-blokkades; welke vandaag nog steeds te zien zijn). Om te vermijden dat de geallieerden in Duitsland vaste voet aan de grond zouden krijgen, plande Hitler het zgz. Von Rundstedt-offensief; een stoutmoedige uitval met als doel door te stoten naar de belangrijke havenstad Antwerpen (Antwerpen speelde een crucial rol voor de geallieerden als belangrijkste aanvoerweg voor voorraden, benzine, manschappen en materieel). Volgens Hitler moest het gaan om snelheid en precisie, en moest de aanval plaatsvinden tussen 20 en 30 november. Hitler geloofde immers dat de geallieerde troepen niet op tijd een tegenaanval konden opzetten. De aanval zou gebeuren bij slecht weer, zodat de geallieerde geen gebruik konden maken van hun luchtmacht die beduidend sterker was dan die van de Duitsers. Hitler was van mening dat de geallieerde naties uit elkaar zouden vallen (wat op zich niet zo onmogelijk scheen te zijn - er waren immers verregaande meningsverschillen binnen de geallieerde legerleiding, meer bepaald tussen de Amerikaanse en Britse; aangaande de voortgang van de landing en herovering). Bovendien was de toestand van de geallieerde troepen ook verre van optimaal : de snelle voortgang doorheen Frankrijk, Nederland en België eisten hun tol. Voorraden werden onregelmatig aangevoerd, en het materieel was in slechte staat (tanks, artillerie) of niet voldoende voorradig (benzine, warme kleding, voedsel).

Hitlers’ plan was eerder een wanhoopsdaad – de vermoeide Duitse troepen misten simpelweg het moraal voor een langere campagne tegen de geallieerden. De militaire raadgevers in Hitlers' onmiddellijke omgeving waren echter zo bevreesd van zijn driftbuien bij slechte tijding, dat ze de erbarmelijke situatie verbloemden. Hitler plunderde massaal de laatste Duitse reserves om in het grootste geheim een leger van 250.000 man te vormen (meestal slecht getrainde troepen, een samenraapsel van reservisten en gedecimaliseerde andere divisies, en jonge rekruten welke slechts enkele weken voordien werden opgeroepen), daarnaast waren er zo'n 1000 tanks en gemotoriseerde kanonnen. Uiteindelijk was dit ad-hoc leger, zowel op materieel vlak als in aantal manschappen, veel groter dan dat van de geallieerde troepen welke in de Ardennen verbleven.

Hoewel het plan een gelijktijdige aanval ter hoogte van Arnhem voorzag, ging de grootse aanval dwars door de heuvelachtige Ardennen. In de ochtend van zaterdag 16 december 44 gingen drie Duitse legers over tot het offensief op een Front van 135 km., begrensd ten Noorden door de stad Montoie en ten Zuiden door de stad Echternach. De aanval werd ingezet door :

  • Het 6e Pantserleger SS van Generaal Sepp Dieptrich (noordelijk)

  • Het 5e Pantserleger van Generaal Baron Hasson Von MANTEUFFEL (Midden)

  • Het 7e leger, ten Zuiden, aangevoerd door de Generaal van de Artillerie Erich Brandenberger.

De geallieerde troepen ter plaatse, 75.000 man sterk, bestonden voornamelijk uit Amerikaanse GII's. De meesten waren ter plaatse als rustpauze na hun inspanningen in Noord-Frankrijk en de daaropvolgende bevrijdings-doortocht naar het Oosten.

De hoofdlijnen van Hitlers’ plan waren; zo vlug mogelijk de Maas over te steken, daarna de Haven van Antwerpen te bemachtigen en terzelfdertijd de gewapende Amerikaanse machten te scheiden.

Het her-innemen van Houffalize was het doel van het 5e leger van Gen. Von Manteuffel (Foto).

In theorie diende hij op 17 december de verbindingslijn St. Vith - Houffalize moest bereiken. Op 18 december heeft de 116e Pantserdivisie zich meester gemaakt van Tavigny (op 8 km van Houffalize), zonder grote weerstand te hebben ontmoet.

Dezelfde avond 18 december stormden een vijftiental Amerikaanse tanks Tavigny binnen. Het grootste deel van hen zonk weg in de modderige terreinen onder de hevige regen. Een tiental werden de morgen daarop ontdekt maar waren volledig vemield. De kasteelheren, die geholpen werden door enkele buren uit het dorp, hadden 8 lijken van Amerikaanse soldaten begraven.

In de nacht van maandag 18 op dinsdag 19 december werd Houffalize zonder ophouden doorkruist door ontelbare tankwagens die deel uit maakten van de 82e Amerikaanse Divisie Airborne en die op weg waren naar Werbomont ; terwijl het 755e Amerikaanse Artilleriebataljon, komende van Duitsland naar Bastogne, het dorp in tegenovergestelde richting doorkruiste.

De volgende morgen, woensdag 20 december, maakte de Duitse 116e Pantserdivisie zich meester van Houffalize, op zoek naar een doorgang op de Ourthe. Zonder slag of stoot konden de Duitsers in Houffalize beschikken over twee bruggen over de Ourthe (Bruggenbouwers van de Amerikaanse Genie hadden de brug op de weg naar Luik heropgebouwd).

Woensdag 20 en donderdag 21 december moesten de inwoners van Houffalize er terug in berusten dat het opnieuw ingenomen was door de vijand. Doordat de bezetting van Houffalize zo onverwacht gebeurde, konden de Duitsers beslag leggen op een lijst van verzetsstrijders onder de burgerbevolking (de lijst werd aangetroffen in een huis op de Rue de Bastogne). Deze verzetstrijders werden tijdes de dagen na de inval zonder veel omzien neergeschoten of gemarteld. De 116e pantser en van de 560e Volksgrenadier passeerden reeds aan de overkant van de Ourthe in hun koers naar het Noord-Oosten. De donderdag 21 december kwamen eveneens de eenheden van de 2e Pantserdivisie SS Das Reich zich bij de anderen voegen. Dezehadden een onheilspellende reputatie sedert de verschrikkelijke moordpartijen te Oradour (F) op 10 juni 1944.

Juist tot na Kerstmis maakte Houffalize deel uit van de verplichte doorgang voor de vele Duitse troepen, onder bescherming van een dik wolkendek, waardoor de geallieerde troepen geen luchtaanvallen konden uitvoeren. De winter van 1944 was bitter koud, met veel sneeuw. Uiteindelijk klaarde de lucht op en konden de geallieerde luchttroepen de aanval inzetten. Vliegtuigbommen maken echtergeen onderscheid tussen de oorspronkelijke inwoners en de bezettingsmacht. La Roche en Houffalize werden, wegens hun strategisch belangrijke bruggen over de Ourthe, de belangrijkste doelwitten van de Amerikaanse bommen.

Dinsdag 26 december 44 vanaf 11 uur werd Houffalize getroffen door enorme luchtbombardementen, die praktisch de ganse dag zonder onderbreking bleven duren. Tijdens dit eerste bombardement vielen 200 burgerslachtoffers. De Duitsers telden slechts een vijftigtal slachtoffers – ze hadden zich verscholen in de bossen (de huidige bossen die u ziet achter de chalet; en rond Ol' Fosse d'Outh).

De nacht van zaterdag 30 op zondag 31 december 44 werd de stad voor een tweede maal gebombardeerd. Zo erg was het vooraf nog niet geweest. Wat nog van de stad overbleef werd tijdens de nacht van vrijdag 5 op zaterdag 6 januari 45 door een derde bombardement vernietigd. Geen enkel gebouw in Houffalize was nog zonder schade, het overgrote deel lag in puin.

Tot bovenmaat van ramp werd Houffalize, gezien haar ligging, de enige uitweg voor de tienduizenden terugtrekkende Duitsers, die alleen nog in Houffalize de Ourthe konden oversteken. Ook tijdens deze tocht doorheen Houffalize werden de Duitse troepen onder vuur genomen door de geallieerde troepen. Iedere dag ontving de stad haar lading granaten, dit duurde onophoudelijk een ganse week. Uiteindelijk was de stad nog zwarte puinhoop onder de sneeuw, waarvan de grond als het ware enorme krateropeningen vertoonde. Er werden meer en meer gestorvenen en meer en meer gekwetsten geteld.

Op maandag 15 januari 45 kwamen de 84e Amerikaanse Infanteriedivisie, toebehorende aan het 1e Leger, en het 3e Leger met mekaar in kontakt te Engreux. Vanaf deze dag zouden kalmte en rust stilaan de bovenhand nemen op de storm, de Duitse troepen werden teruggedreven uit Houffalize. De ontsnapten aan de hel konden uit de kelders naar boven komen. De laatste helft van de maand januari 1945 zouden de gebieden langs de Ourthe, die nog in handen waren van de vijand, eveneens ontruimd worden door de Amerikanen.

Op de 1325 inwoners dat Houffalize telde, waren er 197 slachtoffers ten gevolge de bombardementen. Van de 340 huizen is geen enkel ongetroffen gebleven - alle woningen werden praktisch volledig vemield.

Bij het verloop van dit laatste Duitse Offensief verloren de Amerikanen 78.890 mannen. De Duitsers telden een verlies van 103.800 mannen. 3.000 burgers vonden er een verschrikkelijke dood.

Ondanks de aandacht van de media voor de landing in Normandië, bleek "the Battle of the Bulge" veruit de bloedigste slag van de tweede WO te zijn geweest. Sta daar even bij stil als u één van de tientallen herdenkingsmonumenten en musea bezoekt!